zaterdag 7 januari 2017
Tantra is een thermometer, een vergrootglas en een speeltuin
Tantra heeft geen antwoorden. En tegelijk is tantra wel iets; een thermometer, een vergrootglas en een speeltuin.
Tantra is een thermometer
Iemand is in Tantra als Prana de grootste energie is op dát moment in zíjn lichaam. Prana is balans en de energie die gelijk opgaat met Pañña (wijsheid). Daar waar onrust en disbalans heerst kan geen balans noch wijsheid bestaan, en zodoende laat Tantra heel goed zien wat jouw staat van zíjn is op dit moment. Tantra is de thermometer tussen de billen als momentopname. Een minuutje later kan je glas omvallen en overstijgt de woede weer; weg Prana en weg Pañña.
Tantra is een vergrootglas
Ik moet de eerste mens nog tegenkomen die klaagt over zijn balans. Nee, klagen doen we over onbalans en pijnpunten; onze onzekerheid, minderwaardigheidsgevoel, boosheid, die strontvervelende buurman en zo verleidelijke buurvrouw. Al die zaken die ervoor zorgen dat wij niet in Prana en Pañña kunnen geraken komen bij de Tantra onder een vergrootglas te liggen. Merken wij onze onzekerheid in het dagelijkse slechts latent op, in een Tantra-sessie overstijgt het tot enorme proporties. Zijn wij wel eens boos, in een sessie spuit het onze oren uit. Dat is wat een (goede) Tantra-sessie (ook) doet, het haalt datgene naar voren wat ervoor zorgt dat wij geen rust en balans ervaren en blijft ernaar wijzen met uitgestrekte vinger.
Tantra is een speeltuin
En hoe ga je om met je onzekerheden en andere onbalans? Waarschijnlijk zoals je dat al jaren doet; op de automatische piloot, zorgen dat je niet op tenen gaat staan, binnen de lijntjes kleuren en vriendelijk blijven glimlachen. Daarmee verbloemen en camoufleren wij de onbalans maar lossen deze niet op.
Toegegeven, in het dagelijkse leven is het niet eenvoudig je onzekerheid of boosheid de baas te zijn. Voor je het weet escaleert de bende en wat doen we dan?
Binnen een Tantra-sessie kan je hiermee volledig experimenteren, uitproberen, spelen en "fouten" maken. De tantriki stuurt de energie, ook als het te bont wordt.
Allereerst maakt de tantriki (kunstmatig) in jou een enorme hoeveelheid Prana aan. Deze Prana stroomt uiteindelijk altijd naar het laagste punt, daar waar onze pijnpunten liggen; dit is de thermometer. Omdat de aandacht op een pijnpunt komt te liggen wordt deze haarscherp duidelijk; het vergrootglas. En uiteindelijk mag je buiten de lijntjes treden om oplossingen en beslissingen te maken die anders zijn dan hiervoor; de speeltuin.
Wat is tantra niet?
Zodra onbalans heerst is er geen Tantra. Zodra er balans is, is er Tantra. Ieder mens heeft zijn eigen wegen en methoden om tot balans te komen maar deze wegen en methoden zijn niet de Tantra; de weg naar de top is niet de top. Zodoende is Tantra nooit dogmatisch, het is niet de aankleding en het is niet de invulling, het is niet de passie noch de compassie. Het heeft niets met liefde te maken en niets met haat. Tantra is hoe je je voelt als je in balans bent.
Tantra is genieten van een kopje koffie, ook al kreeg je er geen lepeltje bij.
zondag 25 december 2016
Wat is Tibetaanse tantra?
De Tibetaanse tantra als massagevorm wordt steeds meer aangeboden en zit duidelijk in de lift. Maar wat zijn nu precies de kenmerken van deze massagevorm en zijn hierin ook verschillende stromingen in te ontdekken?
De Tibetaanse massagevormen, waaronder de tantra-massage, zijn veel later ontstaan dan de Tibetaanse tantra die op zijn beurt voort is gekomen uit het Tibetaans boeddhisme. Een kenmerk van het (Tibetaans) boeddhisme is dat het uitgaat van:
- zelfloosheid (er is niet zoiets als een onafhankelijk, onveranderlijk zelf)
- de illusie dat er een onafhankelijk/onveranderlijk zelf is creëert lijden
- inzien dat dat er geen inherente 'zelf' is onthecht je van het lijden.
- als deze onwetendheid verdwijnt blijft Pañña/Prana over.
Het Tibetaans boeddhisme laat zich uitsplitsen in 2 didactische stromingen waarbij de eerste gestructureerd en ordelijk is met een duidelijk herkenbare grondslag en logica.
De andere groep berust zich op 'Wijsheid' wat de optelsom is van kennis (sutta mayã pañña) + ervaring (cinta mayã pañña) + intuïtie (bhavana mayã panña) waarbij elk van de 3 peilers even sterk ontwikkeld dienen te worden.
De eerste vorm is een logische "het pad leidt naar het doel" benadering terwijl de tweede de abstracte cirkelredenatie "het pad en doel zijn één én geen tegelijk" heeft. De ene didactische stroming is niet beter of sneller dan de andere maar het is afhankelijk van persoon's karakter welke stroming het beste bij diegene past.
Het is deze 2e didactische stroming die Tibetaanse tantra is gaan heten en binnen deze stroming draait alles om Prana. Wat is nu precies Prana?
Zoals gezegd berust de Tibetaanse tantra op Wijsheid, in het Sanskriet heet dit Prajñã en in het Pali Pañña. Deze Pañña komt voort uit kennis, ervaring en intuïtie en dit zijn de drie grote leermomenten voor ieder mens. Nu is elk mens als karakter sterk op 1 van deze drie, zo heb je rationeel/cognitieve mensen, mensen die leren uit ervaring en intuïtief ingestelde mensen. Het is dus belangrijk juist de 2 andere peilers, waar je minder sterk in bent, in jezelf te gaan ontwikkelen om zo tot Prajñã/Pañña te komen. Dit proces is niets anders dan jouw spirituele proces van zelfinzicht.
- Tibetaanse tantra-massage -
Hoe weet je nu dat je vorderingen maakt, hoe weet je dat je in Pañña zit?
Dit is voelbaar en dit gevoel is de energie die Pañña voortbrengt en deze wordt Prana genoemd. Ervaar je Prana dan zit je in Pañña. Dit kunnen momentopnames zijn en dit kan een langdurige gewaarwording zijn. En hier komt de tantriki in beeld.
Een tantriki (man) of tantrika (vrouw) is in staat om middels, op de persoon passende, technieken toe te passen om diegene in Prana te krijgen. De gekozen techniek kan van alles zijn; van mindfulness tot voedingtips, van yoga tot massage. Ongeacht de gekozen techniek zijn hier dus 2 zaken van belang:
- het is op dit moment op deze persoon van toepassing
- het gaat altijd om Prana om zo tot Pañña te komen.
Bij de Tibetaanse tantramassage is dit niet anders, ongeacht welke stroming je gebruikt.
De Tantriki kan nu 2 routes kiezen. De eerste is de meest voorkomende; de persoon overladen met Prana zodat deze persoon in een kort tijdsbestek een gelukzalig gevoel ervaart. Dit is mogelijk doordat middels yoga of massage Prana relatief makkelijk is op te zetten. Dit heeft dan niet zoveel met Pañña te maken omdat het lichaam deze energie niet zelf aanmaakt maar dit extern door de tantriki gedaan wordt. Het fijne gelukszalige gevoel wordt tijdens de sessie ervaren en kan enige dagen aanhouden. Dan zakt de Prana energie weer in en we zijn weer terug bij af.
De andere route is het creëren van zelfinzicht, ofwel het hierboven beschevene aanbieden. Je daagt als het ware de klant uit om zelf Prana aan te maken en je laat zien waar en waarom dit niet lukt. Dit zelfinzicht is de poort naar loslaten van onwetendheid waarbij Pañña overblijft en Prana als vanzelf verschijnt.
De Tibetaanse tantra-massage komt voort uit het Tibetaans boeddhisme en de gehele boeddhistische filosofie is doorweven met wat we doen bij een Tibetaanse massage. Het is niet louter techniek om snel tot Prana te komen. Dit zou hetzelfde zijn als vegetarisch worden en alleen nog maar op wortels knagen, niet beseffend dat de vegetarische keuken zoveel meer te bieden heeft.
De tantriki van dienst is zich daarvan bewust en leeft en beleeft deze filosofie om tot eigen Pañña te komen en meer en meer in Prana te geraken. Dat elke dag en continu beleven en ervaren, dat is de ware Tibetaanse Tantra.
zaterdag 17 september 2016
Alles wat samengesteld is kent geen inherente waarheid
Alles wat vorm heeft en/of tastbaar is, is samengesteld.
Dit zijn 2 leerstellingen uit de boeddhistische Dharma die zeer wezenlijk zijn en weer refereren aan andere leerstellingen zoals "alles is tijdelijk van aard" en "alles heeft een oorzaak en een gevolg".
Voorbeeld 1:
Stel ik loop door een veld en ik neem een bloem waar. Tot zover is dit een neutrale waarneming maar nu wordt een conditionering aangeraakt door mijn oog-bewustzijn (citta) waardoor er dualiteit ontstaat en ik de bloem mooi begin te vinden. Het gevolg is mijn wens naar de bloem toe te lopen om hem van dichtbij te kunnen zien. Echter, een andere conditionering wordt door mijn neus-bewustzijn aangeraakt waardoor een andere dualiteit ontstaat en ik de bloem vind stinken. Het gevolg nu is de wens van de bloem weg te lopen zodat ik de geur niet meer hoef waar te nemen.
De mens is samengesteld en in dit geval botsen 2 conditioneringen op basis van zintuiglijke waarneming met elkaar. Op basis daarvan kunnen 3 gevolgen optreden:
- ik loop naar de bloem toe, hier wint het oog-bewustzijn van het geur-bewustzijn. Ik geniet van de prachtige bloem en lijdt om de geur.
- ik ga weg van de bloem, hier wint het neus-bewustzijn van het oog-bewustzijn. Ik lijdt niet om de geur maar lijdt wel omdat ik de prachtige bloem niet van dichtbij kan zien.
- ik de niets en blijf staan. Niet handelen is namelijk ook handelen met zijn eigen gevolg. In dit geval lijd ik omdat ik de bloem niet van dichtbij kan zien en ik lijd omdat ik de geur wel waarneem.
In alle gevallen wint de ene waarneming van de andere en daar is mijn persoonlijke waarheid aan gekoppeld, de ene waarheid wint het dus van de andere waarheid. Het kan zelfs zo zijn dat de schoonheid ik ervaar minder wordt omdat de stank zo groot is. De ene persoonlijke waarheid heeft dan een overschaduwde invloed op de andere persoonlijke waarheid.
Voorbeeld 2:
ik ontmoet iemand waar ik verliefd op word, deze persoon is echter 35 jaar ouder en conditioneel vind ik dat niet correct. In dit geval botsen 2 andere conditioneringen met elkaar op basis van "lichaam". Mijn emotionele lichaam wilt naar die persoon toe en mijn cognitieve lichaam wilt van die persoon weg. Wederom zijn er qua handelen maar 3 mogelijkheden:
- ik ga naar die persoon toe, hier wint mijn emotionele lichaam en lijdt ik cognitief omdat ik die persoon te oud vind, Schaamte of bezorgdheid voor de toekomst zullen bijvoorbeeld in mij kunnen opkomen.
- ik ga van de persoon af, hier lijdt ik niet cognitief maar lijd ik wel emotioneel want ik ben niet bij de persoon waar ik liefde voor voel.
- ik doe niets, ook hier zal ik lijden gaan ervaren.
Ook hier kan de ene persoonlijke waarheid de andere overschaduwen.
Lijden ontstaat daar waar geen inherente waarheid is. En alles wat samengesteld is heeft geen inherente waarheid maar een tijdelijke waarheid, een persoonlijke waarheid, geen waarheid en altijd meerdere waarheden. Hoe zit dat:
Tijdelijke waarheid:
de bloem in het eerste verhaal is een bloem omdat wij hem zo taalkundig noemen. We hadden hem oom 'cavia' of thql' kunnen noemen maar dat hebben we niet gedaan. De bloem is voorgekomen uit een zaadje die daarna een kiempje werd en pas daarna een bloem. Maar deze waarheid is slechts tijdelijk omdat hiervoor wij hem kiempje noemden en daarvoor zaadje.
Persoonlijke waarheid:
dat ik de bloem mooi vind is een persoonlijk ding, een ander kan de bloem lelijk vinden maar wel fijn ruiken daar waar ik hem vind stinken. Een leeftijdsverschil van 35 jaar vind ik teveel maar iemand anders heeft daar geen probleem me. Maar die vind deze persoon een enorme oen terwijl ik er verliefd op ben. Dit zijn allemaal persoonlijke waarheden die per persoon verschillen. Ze worden gecreëerd door conditioneringen die samengesteld een dualiteit creëren in ons emotionele lichaam.
Geen waarheid:
Een fantasie, leugen of verzonnen verhaal heeft geen waarheid in zich. Ook een onjuist inzicht heeft geen waarheid in zich, behalve de waarheid dat er geen waarheid in zit.
Meerdere waarheden:
De bloem heeft een vruchtbeginsel, stamper, meeldraden en bladeren. de bloem kan samengesteld zijn uit meerdere kleuren en geuren. de bloem water, voedingstoffen, mineralen, vitaminen... Dat water was voorheen grondwater, regenwater, een wolk, condens, rivier of ijsschots. De voedingsstoffen waren voorheen ionen, compost, plantaardig of dierlijk materiaal. En dat allemaal maakt die bloem bloem zoals wij hem herkennen als bloem. De bloem bestaat uit meerdere kleuren, geuren, smaken en elk blad is anders samengesteld. De bloem herbergt een enorme hoeveelheid aan verschillende tijdelijke waarheden.
Het bewustzijn kan maar 1 citta (stukje van het bewustzijn) volgen. Toch zijn er meerdere citta's die continu en tegelijkertijd onze aandacht vragen, in het eerste geval zien en geur. Elke waarneming, elke ervaring, elke emotie, cognitie, gemoedstoestand, ratio, mentaal stukje heeft zijn eigen tijdelijke of persoonlijke waarheid die niet tegelijk hun verhaal kunnen doen. En elk van die waarheden zijn tijdelijke waarheden omdat ze op hun beurt ook weer samengesteld zijn uit onderdelen elk met zijn eigen tijdelijke waarheid die ook weer samengesteld is, etc...
Alles wat samengesteld is heeft geen inherente waarheid maar herbergt een heel kluster aan samengestelde waarheden. Dit geldt voor een bloem, voor een mens en alles wat vorm heeft.
Wanneer heeft iets dan wel een inherente waarheid, en wat is zo'n waarheid dan? Dit moet dus datgene zijn wat niet samengesteld is, en dat is nooit een ding maar een proces. En dat proces is tegelijk de inherente waarheid. Dat alles van tijdelijke aard is is ondeelbaar en tegelijk inherent waar zonder dat er een tijdelijke of persoonlijke waarheid aan gekoppeld kan zijn.
dinsdag 23 augustus 2016
Hoe tolerant dien je te zijn jegens intolerantie
Tolerantie (c.q. compassie, naastenliefde) is een belangrijk begrip binnen het Boeddhisme welke enige uitleg nodig heeft om te kunnen begrijpen. Het begrip 'tolerantie' gaat namelijk altijd gepaard met 2 vragen:
- hoe tolerant kun je (inherent) zijn
- hoe tolerant dien je te zijn
Bij boeddhistische meditatievormen zoals Metta of Tonglen ga je de liefde welke je voelt voor je geliefden uitdragen naar diegene die je niet tot je geliefden of zelfs tot je vijanden rekent. Dit is doorgaans een confronterende les in voorwaardelijke versus onvoorwaardelijke liefde en laat ook diens begrenzingen in jou zien inclusief de vraag; hoe tolerant ben ik eigenlijk?
Tolerantie leeft bij de gratie van een klein ego. Hoe groter het ego hoe belangrijker jij jezelf en je eigen standpunten vindt des te intoleranter je bent. Het boeddhisme meent dat je zo tolerant mogelijk moet zijn, maar niet altijd tolerant dient te zijn.
Er zijn 2 situaties waarin je niet tolerant dient te zijn. De eerste is als iemand bewust inherent lijden creëert bij een ander. De tweede is als de ander zelf intolerant is; het is onjuist tolerantie op te brengen voor iemand die zelf (inherent) intolerant is, doch moet je zelf wel (inherent) tolerant daarvoor zijn.
Intolerantie heeft dus te maken met een te groot ego en vandaaruit onjuiste inzichten die aanzetten tot begeerte of aversie. De handelingen die hieruit voortkomen zijn altijd laakbaar en die verdienen geen tolerantie. Dit onjuiste inzicht creëert altijd inherent lijden en komt voort uit onjuist inzicht en dit kan een systeem of geloof zijn. Tolerantie hiervoor opbrengen is ruimte scheppen voor zowel het onjuiste inzicht als voor het inherente lijden welke hieruit voortkomt.
Zodra de tolerante tolerantie gaat opbrengen voor de intolerante krijgt de intolerantie ruim baan en moet de tolerantie inboeten.
Het lijkt zeer intolerant als de tolerante geen tolerantie opbrengt voor de intolerante, maar uit naam van de tolerantie (wat de tolerante inherent wel is) is dit het meest tolerante wat hij kan doen.
dinsdag 21 juni 2016
Mag je oordelen binnen het boeddhisme
Dit gezegde hoor je vaak binnen het boeddhisme, voornamelijk van diegene die weinig verstand hebben van het boeddhisme. Binnen bepaalde groepen bestaat het beeld van Gautama de Boeddha alsof de beste man een knuffelguru was met een dikke gezellige buik waar je tegenaan kon liggen en die troostende woordjes tegen je uitsprak. Nooit een onvertogen woord kwam van zijn lippen en alles was goed zoals het was, alles mag er zijn...
Dit is een onjuist beeld van Gautama de Boeddha en zijn leer.
Als je de Pali-canon gaat lezen vanuit dit beeld dan schrik je je waarschijnlijk rot. De leraar toont zich compromisloos, heeft harde en duidelijke woorden en wijst je de hele tijd terug op zelfonderzoek voornamelijk vanuit meditatie. Hij oordeelt stevig en noemt mensen dwaas (bãla) of handelingen dwaasheid (bãlya).
Er is het nastreven van geluk in zintuiglijk genot, hetgeen laag, vulgair, ordinair en onedel is en niet tot welzijn leidt; en er is het nastreven van zelfpijniging, hetgeen pijnlijk en onedel is en niet tot welzijn leidt (SN 56-11, 1-3).
Dit, monniken, zijn de asceten en brahmanen die zo glad zijn als een aal... (DN 1, i25-28)
Verdriet wordt uit het geliefde geboren;
Ook angst komt uit het geliefde voort.
Wie vrij van het geliefde is,
Heeft geen verdriet — hoe dan angst? (Dhammapada, 212)
Vaak heeft Gautama de Boeddha een tweegesprek met een monnik met vragen of met een brahmaan of asceet uit een andere sekte. De manier van discussiëren en ondervragen kan als intimiderend overkomen en zo zijn er ook meerdere discussie en gesprekstechnieken in het boeddhisme voorhanden die zo ervaren kunnen worden .Dit maakt echter allemaal deel uit van de boeddhistische visie op eerlijkheid en op didactiek van leraar op leerling.
Soms lijkt het alsof iemand persoonlijk wordt aangesproken, maar daar zit dan altijd een hele duidelijke argumentatie achter die terug te voeren is naar de boeddhistische filosofie waarin dingen onwaar, onzuiver, dwaas of laakbaar zijn te noemen.
Inherent lijden is het lijden waarin een persoon gehinderd wordt in zijn spirituele proces. Al het andere lijden is persoonlijk lijden waarin het ego wordt aangeraakt. De 2e vorm van lijden is van minder belang dan de 1e vorm. Nu mag je de 2e vorm van lijden creëren om de 1e vorm te voorkomen ofwel; je mag persoonlijk lijden creëren om iemands spirituele proces te doen toenemen en juist dat komt in het boeddhisme veelvuldig voor.
Lijden creëren is dus, in een bepaalde vorm, een didactische vaardigheid en geen zonde zoals vaak beweerd wordt. Blijft alleen die situatie over waarin persoonlijk lijden wordt gecreëerde waarin de persoon niet spiritueel tot groei komt. Indien de achterliggende intentie zuiver was is er niets laakbaars gebeurd.
Mensen echter persoonlijk lijden toebrengen zonder dat daar de intentie in zit de ander spiritueel te laten groeien is onjuist handelen. Mocht onverhoopt het zo zijn dat de ander wél spirituele groei ervaart, dan was het gecreëerde lijden nog steeds zonder zuivere intentie en is het nog steeds onzuiver.
Waar komt dan het gezegde "je mag niet oordelen" vandaan?
Deels heeft dit dus te maken met persoonlijk lijden creëren zonder zuivere intentie, maar er is nog een antwoord en deze heeft te maken met de stelling: "alles is onderhevig aan de wet van oorzaak en gevolg".
Alles heeft een oorzaak en alles heeft een gevolg. Dit is een universele waarheid en een kernwaarde binnen de boeddhistische filosofie. Dat deze wet altijd en overal zijn werking heeft, wil niet zeggen dat deze wet ook te determineren is. 100 Oorzaken kunnen uitmonden in 1 gevolg, en 1 oorzaak kan 100 gevolgen hebben. Oorzaak en gevolg is niet lineair bepaald en ogenschijnlijk logische verbanden hoeven er helemaal niet te liggen. Ga je hier wel een oorzaak achter zoeken dan ga je dingen creëren die er zojuist niet waren en dat is laakbaar, want overal waar je energie in stopt groeit. Het boeddhisme is heel stellig dat het achteraf achterhalen van de oorzaken, of het voorspellen van mogelijke gevolgen onjuist is. Dit wordt bedoeld met oordelen.
De oplossing hierin?
Weet dat alles veranderlijk is. Alles komt op en vergaat uiteindelijk weer om te transformeren in weer iets anders. Alles heeft met alles te maken zonder dat we dat kunnen determineren. Accepteer dus datgene gebeurd en probeer vanuit een zo zuiver mogelijke intentie te handelen en wees niet bang iemand te kwetsen, als het vanuit een zuivere intentie gebeurd gericht op het spirituele proces.
vrijdag 17 juni 2016
Wanneer ben je géén boeddhist?
Wanneer ben je nu eigenlijk boeddhist of, wanneer ben je géén boeddhist?
Dzongsar Jamyang Khyentse heeft daar antwoord op gegeven in "What makes you not a Buddhist", een boek dat helaas niet in Nederland te krijgen is.
Dzongsar is Bhutanees en hoofd van de Dzongsar college, een overkoepelend orgaan bestaande uit 6 kloosters en 1.600 monniken. Als antwoord op de vele boeddhistische sympathieën heeft hij een lijstje opgesteld van 6 punten. Als je op minimaal 1 van deze 6 'Nee' als antwoord geeft, of Ja, maar... of twijfel hebt, dan ben je géén boeddhist.
1.
kan je accepteren dat alle dingen tijdelijk van aard zijn?
2.
Kan je accepteren dat geen enkel ding of concept blijvend is?
3.
kan je accepteren dat alle emoties/gemoedstoestanden pijn en lijden veroorzaken?
4.
Kan je accepteren dat er geen enkele emotie/gemoedstoestand is die alleen maar plezier brengt?
5.
kan je accepteren dat alles wat zich voordoet illusionair en niet-bestaand is?
6.
Kan je accepteren dat de 'verlichting' niet te verwoorden is, buiten elk concept valt, dat het geen gelukzalige hemel is maar alleen de afwezigheid van waan?
Boeddhisme is een levensfilosofie. Je bent boeddhist of je bent het niet. Je kan ook niet een beetje zwanger zijn, een beetje vegetarisch of een beetje pacifist. It's the whole package or it's nothing at all...
donderdag 16 juni 2016
"Persoonlijke balans" bestaat niet...
Vanuit de boeddhistische visie is dit een contradictie en per definitie onmogelijk. Om dit uit te legen moeten we beide termen eerst apart van elkaar onderzoeken.
- Persoonlijk -
In het boeddhisme is 'persoonlijk' niet een verwijzing naar een persoon, maar naar het individuele deel van die persoon. De gedachte dat een persoon een individueel wezen is behept met een eigen en zelfstandige ego met daarin de ik=persoonlijkheid, het mijn, ons en overtuigingen is onjuist.
Het persoonlijke/ego is niets anders dan alle conditioneringen bij elkaar en alle emoties en gemoedstoestanden die daaruit voortkomen. En aangezien zowel emoties als de gemoedstoestanden het duale karakter van de persoon vertegenwoordigen is de persoon altijd in onbalans zodra deze in een emotie/gemoedstoestand verkeert. Het persoonlijke is dus altijd in onbalans.
- Balans -
Streven naar balans is prachtig, maar wat is 'balans' precies? In het boeddhisme kennen ze meerdere varianten van balans waarvan de meeste een schijnbalans zijn. In het dagelijks leven herkennen wij deze schijnbalans als momenten van de "balans in onbalans". Zo kan je in een conflictsituatie met iemand verkeren maar in een kort moment toch even in balans zijn met elkaar. Of zelf in een periode van stress verkeren maar tijdens een boswandeling toch even rust ervaren. Tot slot zou je een ouderwetse kantelweegschaal kunnen hebben met een maximaal toelaatbaar gewicht van 20 kg waarbij je aan beide zijden 15 kg plaatst. Ogenschijnlijk zal de weegschaal in balans zijn, maar het totaalgewicht is ver boven het maximum en zodoende is ook hier onbalans.
- Persoonlijke balans -
De werkelijke balans kan niet gecreëerd worden maar is een gevolg. Als je onbalans weghaalt is het gevolg balans. Aangezien zowel de emoties als de gemoedstoestanden het duale karakter van de persoon vertegenwoordigen is de persoon altijd in onbalans zodra deze in een emotie/gemoedstoestand verkeert. Deze emotie/gemoedstoestand zijn samen met de conditioneringen het 'persoonlijke', en daarmee is persoonlijke balans zowel een contradictie als een onmogelijkheid.
Gek genoeg kan, als momentopname, persoonlijke balans wel ervaren worden, maar dan als vergelijk tot de schijnbalansen. Streven naar balans is mogelijk, maar dan moet deze geheel los komen te staan van het persoonlijke omdat deze de onbalans vertegenwoordigd.
Werkelijk streven naar balans is streven naar het weghalen van de conditioneringen. Met het verdwijnen van deze conditioneringen verdwijnt als gevolg ook het ego en daarmee het persoonlijke.
Ben je echter fier en trots op je eigen individuele persoonlijkheid en je ego, dan is balans een onmogelijkheid.
zaterdag 4 juni 2016
"Zoekend naar water heft de drenkeling zijn glas"
Wat blijkt is dat, waar we wellicht verschillende trajecten zouden verwachten in spirituele groei, dit niet het geval is. Ieder doorloopt hetzelfde traject met dezelfde inzichten op hetzelfde moment met dezelfde valkuilen en dezelfde moeilijkheden, etc...
Boeddhisme is wetenschap, dat klopt. In die zin dat je neutraal kan observeren datgene wat zich voordoet. De filosofische en psychologische uitleg van wat je waarneemt heeft Gautama de Boeddha 2.500 jaar geleden gegeven en ook dit hebben ze 2.500 jaar tegen het licht kunnen houden. En daar waar religies en godsdiensten hiaten in hun filosofie hebben is dat niet zo bij het boeddhisme, juist omdat het zo wetenschappelijk is. Er zijn geen aannames, geen veronderstellingen, niets wat je eerst moet geloven of beloven. De gehele boeddhistische filosofie is herkenbaar en controleerbaar.
Liefde is geen groot goed in de boeddhistische filosofie omdat het gezien wordt als een bron van lijden.
Ik en ego zijn metaforen voor de onwetendheid waarin we verkeren en in wezen niet bestaand.
Metta betekend "Universele Liefde vanuit compassie" en is niets anders dan het gewaarworden van Prana; de neutrale energie in ons, alles en iedereen.
Omdat de filosofie aanwezig is, helder en duidelijk is, herkenbaar en controleerbaar is, wordt er stevige oordelen gegeven aan diegene die het niet zien of begrijpen. Gautama de Boeddha gebruikte vaak de termen : "Dom, Dwaas, Onwetend" als een monnik met domme vragen aan kwam zetten. Deze bewoordingen gebruikte hij met een reden.
Een monnik, leraar of pseudo-leraar die er een eigen filosofie op na houdt, niet gestoeld op een bestaand gedachtegoed voortkomend uit ervaring, is een dwaas. Je moet van verdomd goede huizen komen wil je á la 2016 nog iets niets zien of verzinnen. Op filosofisch/psychologisch terrein is alles reeds gezegd of ontdekt. Alleen toepassingen hierop gebaseerd zijn nieuw dankzij techniek, etc...
In de boeddhistische filosofie bestaan er enkele waarheden die ze universeel noemen. Deze waarheden zijn logisch, voor iedereen ten aller tijden te herkennen en te controleren. Geloof heeft er niets mee te maken. Als iemand dus iets beweerd dient het verifieerbaar te zijn. Is dat het niet, dan klopt datgene wat beweerd wordt niet. In mens streven uniek te zijn verzinnen we nieuwe dingen die onmogelijk nieuw kunnen zijn.
"Zoekend naar water heft de drenkeling zijn glas"
donderdag 2 juni 2016
boeddhistische visie op vluchtelingen problematiek
Moeten wij niet vanuit compassie alles doen om vluchtelingen op te nemen?
Is het niet heel boeddhistisch dat te doen?
Als er al een boeddhistische visie op dit onderwerp was, dan is het niet deze. Een uitleg...
De vernietiging van Sakya
Gautama de Boeddha’s geboortegrond is Kapilavatthu (Nepal) en dit is tijdens zijn leven geheel vernietigd wat een grote vluchtelingestroom tot gevolg had.
(bron: History of Kośala Up to the Rise of the Mauryas - Vishuddhanand Pathak).